Gapscenemuziek 2

Vandaag vierde Paul, een collega van me, zijn 25 jarig jubileum. Het feest begon reeds aan het eind van de middag, maar nog verzadigd van allerhande soorten lasagne en een tikkeltje aangeschoten van het overheerlijke speciaalbier (gebrouwen ergens aan de Costa Brava) ging ik pas rond 11 uur vanavond huiswaarts. Thuis aangekomen ben ik verdergegaan met de Engelse vertaling van het stripalbum “Pizzacap” (dit album heb ik getekend tussen 2013 en 2015), dit onder genot van “Gapscenemuziek”. David Bowie en The Stooges waren de kers op de taart van deze toffe avond!

David Bowie, Christiane F, Wir Kinder vom Bahnhof Zoo (1981) met nummers zoals TVC15, Look Back in Anger, Station to Station en V-2 Schneider

The Stooges, The Stooges (1969) met nummers zoals I Wanna Be Your Dog, Search and Destroy en 1969

Na een welverdiende nacht heb ik de “gapscene-avond” nog even lekker voortgezet.

Cabaret Voltaire, #7885 (Elektropunk to Elektropop 1978 – 1985) met nummers zoals Nag Nag Nag, The Setup en Seconds too late

Django Django, Django Django (2012) met nummers zoal Hail Bop, Default en WOR

Zo, …..en nu ga ik heerlijk mijn handen uit de mouwen steken op Buurtmoestuin Korvel.

Gapscenemuziek 1

Zoals de meesten van jullie inmiddels wel weten heb ik vanaf mijn tienertijd een hele stripboekenreeks bij elkaar getekend, de GAPscene, waarvan de albums overigens ook gewoon via dit blog besteld kunnen worden. Waar veel mensen die me kennen niet van op de hoogte zijn, is de sfeer waarin ik het liefste mijn strips teken. Het was door allerlei festiviteiten en verplichtingen al weer iets te lang geleden, maar vanochtend heb ik m’n eigen er weer eens helemaal ondergedompeld in mijn Gapscenemuziek. Waarvoor anderen ’n joint of ’n pilletje nodig hebben volstaan voor mij bepaalde nummers om het gevoel te krijgen, “Ik teken de gehele wereld bij elkaar en los alle wereldproblemen in een handomdraai op”. Hieronder het overzicht van de songs die mij vanochtend veel inspiratie en kracht hebben gegeven.

Sonic Youth

Het album “Daydream nation” met onder andere: Eric’s Trip, Total Trash, Silver Rocket, The Sprawl en Eliminator.

The Stranglers

Het album “No more heroes” met onder andere: I feel like a Wog, Bring on the Nubiles, No more Heroes, Straighten Out en Rok it to the Moon.

A Flock of Seagulls

Het album “We are the ’80’s” met onder andere: I Ran, Wishing, Telecommunication, Nightmares en (It’s not me) Talking.

Binnenkort het vervolg van de muzikale reis á la Gapscene.

Routes richting de besneeuwde bergen

Reeds als kind kon ik uren door de atlas bladeren, de “Nieuwe Grote Wereldatlas” van Elsevier. Ver voor de tijd dat dingen zoals Googlemaps en Streetview het levenslicht zagen, droomde ik van al die hoge bergketens,  al die peilloos diepe oceanen en al die dorpen en steden die ik alleen als stipje of blokje op de kaart kende. Hoe zou het er daar uitzien? Even een fotootje zoeken via het internet ging in de “The Eighties” nog niet. Alleen de encyclopedie bood zo nu en dan uitkomst doordat toevallig een klein fotootje van die plek in het lijvige boekwerk was opgenomen. Thuis gingen wij lange tijd nooit op vakantie. Een schoolvriendje van mij wel. Hij ging met z’n ouders naar Noorwegen, het Bodenmeer en naar Garmisch-Partenkirchen. Daar wilde ik ook heen, de besneeuwde bergtoppen zien. Hangend over de Falk-wegenkaart van West Duitsland, die ik in de zomer van 1984 van mijn ouders kreeg, verdiepte ik me in de Autobahnen richting Zuid Duitsland, richting Zugspitze, Alpspitze, Mädelegabel, Nebelhorn en Watzmann.

Autobahn 7 (nabij Kempten) met uitzicht op de Allgäuer Alpen

Autobahn 95 (München – Garmisch-Partenkirchen) met uitzicht op het Wettersteingebirge.

Irene

Vandaag, 9 september 2017, is het precies twintig jaar geleden dat ik hopeloos verliefd werd op een vrouw. Dat was niet de eerste keer dat me dat overkwam, maar het was nog nooit zo hevig. Ik studeerde Ruimtelijke Ordening en Planologie in Deventer en was zojuist in de “Koekstad” aan de Ijssel teruggekeerd om met het vierde, tevens laatste jaar van de studie aan te vangen. Ik weet het nog heel goed. ik liep door de historische binnenstad, op zoek naar vertier, toen ik haar op de Brink plotseling tegen het lijf liep. Stiekem hoopte ik hier al op, maar zoiets gebeurt alleen als je het niet verwacht. Zoals nu, dus. Niet veel later zaten we daar, op een zonnig terras, schuin tegenover de Waag. Ze is zichtbaar blij om me te zien en ik ook. “Ze had een leuke stage gehad in Engeland”. Genietend van haar vrolijke stem en haar blonde haar probeer ik mij in haar helderblauwe ogen weg te laten zinken. Dat valt niet mee. Ergens in mijn brein bevind zich een “matglazen plaat” waardoor mijn blik automatisch wordt afgebogen. Zo gaat dat altijd bij mij en ik weet het inmiddels redelijk goed te verbergen. Zo ook nu. Een aantal glazen bier later nemen we hartstochtelijk afscheid van elkaar. Zo voelt het in elk geval. zwevend op een roze wolk drijf ik onder genot van een mooie zonsondergang richting mijn studentengrot. Het is me gelukt! “Ik heb tot en met het afscheid m’n mannetje weten te staan”. Doodmoe plof ik neer op bed. Langzaam verdwijnt de mist om me heen. Mijn hemel, morgen zie ik haar natuurlijk weer op school! Het duurt niet lang voordat mijn brein de kersverse liefdesperikelen in behandeling neemt. Ik sta op, pak een blanco papier en een paar stiften. Niet lang daarna heeft ze een plekje in Montafon, mijn fantasieland, gekregen. Het stadje dat ik haar naam schenk ligt aan de exclusieve zuidkant van de stad Kempten en kijkt richting het zuiden en westen uit over bergen, bossen en meren. In dit soort situaties denk en voel ik in geografische positioneringen. Dit is het hoogst haalbare voor mij als “autist”, als het om verliefdheid gaat. Meer kan ik niet bieden. Dat is ook vandaag nog. Het grote verschil met toen is echter, dat ik dit inmiddels volledig heb geaccepteerd. Verliefdheid en erotiek zijn voor mij gewoon te gecompliceerd. De structurele overgevoeligheid voor prikkels ondermijnd m’n libido. Gelukkig heb ik tegenwoordig veel andersoortige dingen om me heen, waarvan ik intens geniet. Daardoor is het niet meer nodig, om na twee maanden toch maar te besluiten dat ik die zwaar industriële hoogbouwstad aan de noordzijde van de Rhein-Emscher metropool naar haar noem.